Blog

Kwaliteit WP plugins – 5

Posted by:

In deze blog staan de schermen van de plugins centraal. Hoe worden de schermen opgebouwd? Is er een duidelijke splitsing tussen code en de opmaak van de schermen?

In de voorgaande blogs over WP plugins hebben we gekeken naar de structuur van wat een plugin doet en hoe het gegevens opslaat. Bij sommige plugins is er een sterke scheiding tussen doen en opslaan, bij andere plugins loopt dit door elkaar.

Goede software ontwikkeling pleit voor een sterke scheiding tussen doen en opslaan. Dat betekent dat plugins die die scheiding niet hebben kostbaarder zijn in het onderhoud. Kostbaar in de zin van tijd als je het zelf doet en geld als je het een ander laat doen.

Daarom zijn de onderhoudskosten van WooCommerce naar verwachting lager dan van WP-e-Commerce en heb je voor het onderhoud van een Prestashop webwinkel meer gespecialiseerde deskundigen dan voor OpenCart.

Een tweede splitsing bestaat tussen doen en het tonen van informatie. Doen is wederom het uitrekenen van bedragen, het opzetten van online betalingen en al die andere ingewikkelde zaken. Tonen doen we op schermen aan de bezoeker van de webwinkel en de webwinkelier.

In software die goed is opgezet zie je een driedeling:
(1) Code voor het tonen van informatie
(2) Code voor het verwerken van informatie
(3) Code voor het opslaan van informatie

Waar het bepalen van de scheiding tussen doen en opslaan nog redelijk simpel is … we tellen het aantal database statements en kijken naar de spreiding van die database statements over bestanden … is de splitsing tussen tonen en opslaan veel lastiger te duiden. Dat komt doordat in bijna alle schermen programmacode staat. Dat is goed als de programmacode alleen gebruikt wordt voor het tonen van gegevens. Het is niet goed als in de code gerekend wordt. En dat kunnen we van de buitenkant niet zien.

Daarom gaan we een truc gebruiken. We weten zeker dat code NIET goed is opgezet als er er statements voor de opslag van gegevens in de schermen voorkomen. Oftewel, code is NIET goed opgezet als er een vermenging is van de punten (1) en (3) hierboven.

Dat controleren geeft voldoende inzicht en is makkelijk te bepalen. Als we kijken naar de WordPress plugins voor webwinkels dan zien we dat WooCommerce het wederom veel beter doet dan WP-e-commerce. WooCommerce heeft ongeveer 10 programmabestanden voor het opbouwen van schermen waarin minder dan 25 database statements voorkomen. Shopp ongeveer 15 bestanden met minder dan 15 database statements. WP-e-commerce heeft ongeveer 40 bestanden met meer dan 250 database statements.

Voor de inschrijfplugins. Espresso (gratis versie) heeft ongeveer 45 bestanden met meer dan 225 database statements. EventManager heeft ongeveer 20 bestanden met 80 database statements.

Tenslotte de OpenSource webwinkel pakketten. OpenCart heeft een volledige splitsing tussen het tonen en het opslaan van gegevens. Magento heeft ook zo’n stricte splitsing. Prestashop daarentegen heeft ongeveer 100 programmabestanden voor schermen met daarin ongeveer 700 database statements.

Kortom. WooCommerce, EventManager en OpenCart zijn de meest eenvoudige oplossingen voor je e-commerce wensen. Magento, als alternatief voor OpenCart, heeft een goede splitsing en lijkt daardoor goed opgezet maar heeft tien keer zoveel coderegels als OpenCart. Voor een eenvoudige oplossing geven we de voorkeur aan de laatste.

Met de criteria die we tot nog toe bekeken hebben krijgen we een zeer goede indruk van WordPress plugins en Open Source pakketten.

Andere delen uit deze serie:
- Kwaliteit WP plugins – 1
Over het aantal coderegels in plugins
- Kwaliteit WP plugins – 2
Uitleg aantal coderegels en gegevensstructuur als kwaliteitscriteria
- Kwaliteit WP plugins – 3
Over het aantal databasestatements in plugins en wat dat betekent voor de WordPress webwinkel plugins.
- Kwaliteit WP plugins – 4
Zijstap naar de kwaliteit van Open Source webwinkel pakketten.

0


About the Author:

Add a Comment

*